

gelijk al naar natuur (voornamelijk dennenbomen) en dat al bij een vliegveld! Dollar, de autoverhuurmaatschappij, is vlakbij de airport en we krijgen de kleinste auto en dat is een Toyota Corolla, een 5-deurs en helemaal niet klein. Hij lijkt gloednieuw en natuurlijk is het een automaat met airco, wat een luxe. We hebben maar 1 chauffeur opgegeven en dat ga ik worden, aangezien Mars in Nederland al elke dag achter stuur zit. De begin kilometerstand is 13730, eens kijken hoeveel kilometers wij gaan toevoegen!
(http://www.hihostels.ca/hostels/BC/BCRegion/VancouverJerichoBeach/Hostels/) en daar rijden we heen. Gelukkig is het nog licht en kan Mars goed kaartlezen. We rijden door West Broadway Street in Kitsilano (Kits) waar het erg gezellig eruit ziet, veel restaurants met terrassen langs de weg, winkels, een hoop drukte. In de jaren 60 en 70 was dit een wijk waar veel hippies kwamen wonen.
Om 6 uur word ik gewekt door 1 van de medewerksters van het hostel met de mededeling dat Marcel al op me staat te wachten. Gelukkig is m’n verkoudheid een stuk beter en na een douche met m’n pyamabroek als handdoek, voel ik me weer aardig fit. Mars zit buiten op me te wachten, alle spullen gaan in de auto en we lopen naar Jericho Beach. Het is een klein, viezig strandje maar wel met een ge
weldig uitzicht over Vancouver Downtown met de bergen erachter. Overal lopen konijntjes en natuurlijk zijn er zeemeeuwen. Ook een groep ganzen vliegt met een hoop herrie over.
per dag open met wireless internet (handig voor de volgende keer als we wellicht met iBook reizen) en enorm lekker eten. De muziek is een mix van klassiek, piano en jazz, heel relaxed. Mars neemt een enorme latte (koffie met veel melk), ik een potje thee (pepermunt natuurlijk) en allebei een toasted bagel met ei, bacon en tomaat.
geworden door de film First Blood, de eerste van de Rambo films, die hier is opgenomen. Het is best druk op de weg, veel 4WD’s, RV’s en caravans. De uitzichten die we onderweg krijgen, zijn al geweldig, met sneeuw bedekte toppen (Mt. Baker of Mt. Lehman?), veel pines, ontzettend groen landschap en enorme uitgestrektheid. De weg slingert door de bergen heen. Na Hope nemen we highway 3 en stoppen we bij de Hope Slide om bagels met jam te maken. In 1965 is hier een deel van het gebergte ingestort waar 4 mensen bij zijn omgekomen, later zijn hier ook nog 2 vliegtuigen neergestort.
maar er is nog een aardig plekje voor onze tent. Elke plek heeft een metalen bbq-bak en een picknicktafel, dat is super. Helaas is de ondergrond grind, dus niet ideaal om de tent op te zetten. We willen hem natuurlijk niet de eerste nacht gelijk beschadigen. Gelukkig komt de ranger net langs om het stageld te innen en zij verwijst ons naar het dorpje Hedley, een paar kilometer verder om tarp (zo’n groot zeil) te halen.
aangekomen, is hij inderdaad wel apart, z’n ene oog kijkt alle kanten op en samen met een maatje en een vrouw zitten ze bier te drinken op de veranda. Tarp heeft hij niet, maar hij weet wel een mooi afgelegen kampeerplek in de bergen waar we naar toe moeten. Leuke tip, maar niet het juiste gevoel, dus maar naar het laatste winkeltje in het dorpje, de gift shop en daar vinden we dekens die ook prima dienst kunnen doen als ondergrond. Bij de supermarkt halen we nog wat boodschappen en een esky (koelbox) en dan kunnen we in de rust.
n Canadees biertje erbij (Molson Canadian), echt genieten. We spelen een potje van het kaartspel Oh shit (Marcel wint...) en doen de afwas bij de waterpomp. Ze hebben hier pittoilets, dus nog luxe ook! Zodra de zon ondergaat (ca. 9 uur), koelt het ook nog af. We hebben alleen de binnentent opgezet zodat het vannacht goed uit te houden is. De slaapzakken leggen we in eerste instantie bij onze voeten, maar later ritsen we er 1 open om er samen onder te liggen. Rond 10 uur slapen we al.
ten en een rode ui. Het weer is bewolkt, een forse tegenstelling met gisteren. In Osoyoos (onderkant Okanagan Valley) gaan we langs het information centre. Daar halen we heel veel brochures van de gebieden waar we nog heen willen en krijgen een gedetailleerde wandelkaart van Okanagan Mountain Park waar we vannacht willen slapen. We kunnen gratis internetten en dat doen we natuurlijk. Deze streek is de wijn- en fruitstreek dus overal zie je wineries en fruit stalls. Het is hier erg mooi, de bergen om het meer heen en de vele fruitbomen. Dit gedeelte van Canada is gemiddeld 5 graden warmer dan de rest van BC en krijgt weinig regen. Het verbaasd ons dan ook dat het zo bewolkt is. We rijden nu wat naar het noorden, langs Okanagan Lake en stoppen in Penticton. Ook hier gaan we langs het info centre om te kijken of ze meer gedetailleerde info hebben over het Mountain Park. We krijgen eigenlijk een negatief advies, aangezien er in 2003 een brand heeft gewoed en het schijnt dat de trails niet zo duidelijk meer zijn. We zitten in tweestrijd, Marion en Karel zijn hier in juni nog geweest en raden het absoluut aan. Dan maar eerst boodschappen doen bij Safeway (www.safeway.com) en lunchen bij Wendy’s. Dan is de knoop doorgehakt, we gaan er gewoon heen!
iverse wijngaarden en mooie grote woningen met uitzicht over het meer. Daarna begint een stuk gravelroad wat prima te doen is met onze “gewone” auto, wel wat currogations. Als laatste komt de afslag naar het park en dat is toch redelijk “rough”. Wat leuke gaten en verhogingen en af en toe een klein plasje water. Na wat gehobbel komen we bij een verlaten parkeerplaats aan. Eindelijk kunnen we onze hiking shoes aandoen! We steken een riviertje over en daar ligt ook de “campsite”. Picknicktafels, bbq’s en een pittoilet, maar dit keer geen mens te zien.
raatje met ze. Hij deed mee aan een solozeilwedstrijd van Nederland naar Amerika, maar moest voortijdig afhaken. Hij is toen naar Amerika gevlogen om de finish te zien en toen z’n vriendin en kinderen overkwamen, hebben ze door middel van bring-a-car Amerika van Oost naar West doorkruist in 10 dagen. Ze zijn al even in Canada en we krijgen leuke tips voor Vancouver Island.
ampvuur aan met de houtblokken die hier liggen en de muggen verdwijnen. We maken een heerlijke maaltijd met garnalen bereid in een aluminium schaaltje boven het kampvuur met pasta en pestosaus. Een lekker biertje erbij maakt het compleet. De 3 jongens komen later terug met allerlei vreemde verhalen. Ze waren verdwaald, waren gestoken door bijen, zijn hun fotocamera kwijtgeraakt en hadden een stuk bos gezien waar alle bomen rood waren, wat leek alsof het bloed was. Kortom voor hen genoeg redenen om hier niet te blijven slapen. We zijn nu dus echt de enigen
hier! Het kampvuur blijft het goed doen, maar het wordt steeds kouder. Tegen negenen zorgen we dat alle losse spullen weer in de auto (of in de tent) liggen en gaan we proberen te slapen. We horen het beekje wat vlakbij stroomt en af en toe een squirl die de boom inrent en een soort motorgeluid maakt, maar verder is het heerlijk rustig.
s geweest. Snel maken we weer een kampvuur en maken brood met gebakken ei, kaas en tomaat en thee. Het is toch bijzonder om de zon steeds meer op de bomen te zien en te voelen dat het langzaam warmer wordt. Alle spullen gaan weer netjes in de kofferbak (die echt bomvol zit) en we gaan terug naar de beschaving.
Wanneer we terug op de verharde weg zijn, komen we langs verschillende vineyards en fruit stands. We kopen een hoop kersen en eten deze onderweg, wat smaken ze geweldig! Wat is het toch dat fruit buiten Nederland altijd beter smaakt? De huizen hier zijn voornamelijk van hout gemaakt, wel een mooie bouw. Ook zie je veel barns in de weilanden.
doen. De weg volgt het meer en dat blijven mooie uitzichten. Er zijn aardig wat Provincial Parks onderweg maar die liggen allemaal vlak langs de weg dus niet ideaal om rustig te slapen. We rijden verder en stoppen alleen nog om een burger en chicken strips te eten bij A&W (www.aw.ca). Dit is een fastfoodrestaurant dat sinds 1956 bestaat en ontstaan is uit de verkoop van rootbeer van dat merk. Je krijgt enorme bevroren glazen met soda, heerlijk!
van het water een camper staan en gaan uit de wachtrij en rijden een stukje terug tot we een dirtroad zien naar Plum Hollow Camping. We komen uit bij een mooie, rustige plek met een paar campsites in het bos, maar ook een enorm veld aan het water. Hier willen we graag staan en gelukkig mag het van de eigenaresse. Normaal is dit een stuk waar ze alleen mensen plaatst als ze geen ruimte meer heeft.
We hebben een ontspannen middag en zodra de zon achter de bomen verdwijnt, wordt het snel koud. We beginnen al voor zessen met het bereiden van onze snapper (vis) met salade en eten dit met lange broek en fleece jack aan op. We kletsen even met de eigenaresse en haar kleindochter. Ze komt uit Alberta, maar heeft dit stuk grond samen met haar man gekocht en in de zomermaanden verblijven ze hier en runnen het park. We mogen aan de pruimenboom schudden en er komen een aantal smakelijke exemplaren uit. Mars helpt de dames nog even met de boot in het water te leggen, want ze gaan vissen.
pas om 7 uur worden we wakker in een zonovergoten tent. We horen geen geluid, het is super! We ontbijten cornflakes en een gekookt eitje en laten de tent even drogen. Om iets na negenen zitten we in de auto en kunnen we net de ferry halen. De overtocht duurt maar 5 minuten, maar is prachtig. Je kijkt mooi over Arrow Lake. De autorit hierna is ook prachtig. Constant heb je uitzicht over het blauw/groene meer met de bergen erachter.
25 Kilometer na Nakusp moeten we een bospad op wat normaal ook gebruikt wordt voor het logging (het vervoeren van stammen van de omgekapte bomen). Het is nog 11 kilometer de berg op. Helaas rijden we achter een andere wagen waardoor we alle stof van hem op onze voorruit krijgen. Als we de auto geparkeerd hebben, moeten we een steil wandelpad naar beneden volgen. We passeren een afgelegen campspot waar twee 4WD’s staan met hun eigen gemaakte kampvuur. Superplek om echt secluded te staan, helaas hebben we geen 4WD! Ons weggetje gaat nog verder naar beneden en eindigt bij Halfway River.
amperen in Mount Revelstoke National Park, maar helaas zijn daar geen mogelijkheden. We internetten even gratis en vragen naar de campsites die hier in de buurt zijn. Een aantal zijn in de Provincial Parks zo’n 25 kilometer hier vandaan en 1 commerciele camping bij Williamson Lake.
zzly beren en een cup (een kleintje) in brons zijn gegoten. Ik koop een stoere zonnebril en verder lopen we langs de winkeltjes. Ook kijken we bij diverse restaurants want we willen vanavond uit eten!
Canada trekken. Na dit praatje gaan we naar de stad.
maar verder best lekker. Wat een luxe om niet te hoeven koken! Terug op de camping is de rust wedergekeerd omdat alle kindertjes op bed liggen en dat is precies wat wij ook gaan doen.
lopen naar de top. Als we de auto uitstappen, worden we gelijk overvallen door vliegen, muggen en allerlei vliegend gespuis. Snel insect repellent op en gelukkig is het redelijk fris hier, dus hou ik m’n lange broek aan met fleecejack. De klim is goed te doen en leidt ons door uitgestrekte bloe
menvelden met op de achtergrond de snow peaks. Adembenemend mooi. We zijn ook lekker vroeg, dus bijna geen andere wandelaars. Op de top doen we nog diverse wandelingen die ons nog meer geweldige vergezichten laten zien. We zitten hier tussen de Monashee Mountains en de Selkirk Mountains.
is dit al redelijk zwaar, kan je voorstellen met volle backpack! Maar ja, het is maar 2,8 kilometer...dus dat moet lukken. We zijn op 1287 m hoogte begonnen en moeten tot 2057 m. We doen het rustig aan, na de zoveel meter rusten we uit. We zien een
schattige squirl die een dennenappeltje “schilt” en ons helemaal niet door lijkt te hebben.
pgeschoten. We zijn kapot! Ik loop nog een stuk verder omhoog (zonder bepakking) om te kijken of de verlossing al nabij is, maar het ziet er niet zo uit. We maken de weloverwogen, maar moeilijke beslissing om terug te gaan. Eigenlijk gaat het tegen jezelf in, maar dit is niet de trail voor ons. De terugweg is ook niet prettig, ook al gaat het een stuk sneller. Balend komen we weer bij de auto.
w tot 1925 heeft gestaan en waar de toenmalige toeristen verbleven. Ernaast liep de Canadian Pacific Railway. Ze lieten Zwitserse berggidsen overkomen om de toeristen door de bergen te leiden. Helaas is het pad naar de Meeting of the Waters trail afgezet, maar we sluipen onder het afzetlint door en komen toch bij de plek waar de Illecillewaet River en de Alulkan Brook bij elkaar komen. Beide rivieren ontstaan door smeltwater van de gletchers.
houdt, hij rent op en neer de boom en wanneer hij met iets zwaars te eten de boom in probeert te gaan, valt hij eruit. Met de warmte van het vuur houden we het lang vol en pas als het te donker wordt om te lezen, gaan we de tent in. Het is hier “bear country” dus alle spullen die een geur hebben, gaan de auto in.
ruig, veel oude, omgevallen bomen begroeid met een dikke laag mos. Helaas weer weinig wildlife maar natuurlijk wel een paar van onze squirl-vriendjes. Na 2,5 kilometer komen we bij Marion Lake met een mooie weerschijn erin van de berg erachter. Iets verder bij de lookout hebben we uitzicht over een deel van Glacier NP. We zitten nu dus op de helft en gaan weer verder.
meer gletchers en ijstoppen. De zon beginnen we ook steeds meer te voelen samen met onze benen! We komen helemaal niemand tegen tot we redelijk bij het einde zijn aangekomen. Op
2100 meter houden wij het voor gezien, de trail loopt nog een stukje de berg op, maar wij hebben genoeg gezien. Mars gaat wat foto’s maken en schreeuwt opeens: Rein, een mountain goat! Boven ons waar de andere mensen aan het hiken zijn, loopt/rent hij/zij. Deze goat is wit (dus valt normaal niet op in de sneeuw) en springt enorme stukken van rots naar rots. Wauw, gaaf om te zien (vooral na zo’n flinke klim). Nu kunnen we echt terug.
wordt op een gegeven moment niet lekker. We rennen zelfs stukken naar beneden omdat dat afremmen ook niet lekker is. De afdaling is kortom ook zwaar en wij zijn heel erg blij als we bij de auto zijn en onze loopschoenen kunnen uitdoen.
ts komen, namelijk Yoho National Park. Onderweg eten we een burger en een BLT bij een diner en rijden naar het plaatsje Field in Yoho. De snelweg volgt de Kicking Horse River die bekend staat om het white water raften, onderweg zien we ook veel schoolbussen die gebruikt worden voor deze tours. Bij het information centre raden ze aan om te kamperen bij Takakkaw Waterfalls omdat je daar op een enorme mooie plek staat. We schaffen een parkpass aan en rijden naar de falls. De weg er naar toe is weer prachtig, mooie uitzichten. Helaas is het wel redelijk druk naar boven toe, hopelijk is er nog plek. Mars gaat gewapend met de tent kijken, maar komt al snel terug met slecht nieuws. Helemaal vol en dat is op zich ook wel logisch want het is vrijdagavond. 